Geboortedag Pierre Kemp

Vandaag op 1 december vieren we de geboortedag van Pierre Kemp (1886-1967). Dat er nog steeds levende belangstelling is voor zijn persoon en werk, blijkt ook uit het feit dat hij opgenomen is in de Delpher beeldbank Het Geheugen.

Het dichtwerk van Kemp blijft, ook voor wie er al langer mee bekend is, iets wonderlijks hebben, een bepaalde vreemdheid die poëtisch is omdat men er niet aan went.

Neem je bijvoorbeeld zijn bundel Stabielen en passanten ter hand (ook wel zijn “tweede debuut” genoemd, dan opent deze bundel met dit korte, ietwat mysterieuze gedicht, waarin je wat expressionisme proeft, misschien ook wel een beetje Jan Engelman, maar door de combinatie en de gebruikte “verfdoos” toch onmiskenbaar Kemp:

AKTE VAN BEROUW

De appels slapen in het blauwe licht.
Er roert geen kind meer aan de witte winde.
De ziel beschildert nu haar grijs gezicht
en vraagt: hoe God haar nog zal vinden
en of Hij niet verstoord zal langs haar gaan,
omdat zij heeft zoo dwaas met verf gedaan.

Is het niet de dichter die ‘dwaas’ met verf doet, maar daar het kleurrijkste palet uit weet te scheppen?

Dat de dichter dwaas of ‘overal gek’ is, zal hij overigens niet ontkennen, het is bron van zijn lyrische inspiratie, die gelegen is in een zekere onbevangen uitbundigheid:

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmailby feather

Liber amicorum online

Een van de topstukken uit de Pierre Kemp collectie van de Universiteitsbibliotheek Maastricht is het Liber Amicorum uit 1956, aan Kemp aangeboden ter gelegenheid van zijn 70e verjaardag. Het is een volledig met de hand geschreven en getekend boek, waaraan beroemde schrijvers en dichters als S. Vestdijk, Gerrit Achterberg, J.C. Bloem, A. Roland Holst, Jan Engelman, Anton van Duinkerken, M. Vasalis, Hendrik de Vries, Bert Voeten en Lucebert hebben bijgedragen. Van een aantal beeldende kunstenaars staan er originele tekeningen in.

Sinds afgelopen week is dit prachtige boekwerk online door te bladeren, als onderdeel van de Maastricht University Repository. Inmiddels is het digitaal beschikbaar stellen van de brieven, handschriften en revuetaferelen van Pierre Kemp in voorbereiding. Wij houden u op de hoogte.

Klik op afbeelding hierboven om direct naar het Liber Amicorum te springen. (Even geduld, het laden van al die visuele pracht kan enkele seconden duren.)

Het copyright van dit Liber Amicorum berust bij de Pierre Kemp Stichting.

Lees verder Liber amicorum online Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmailby feather

Bureau van Kemp in Heerlen

Vandaag maakte dit bestuurslid van de Pierre Kempstichting weer een gevalletje van hoger toeval mee.

Begin juli is in het centrum van Heerlen een nieuwe boekhandel geopend: Van der Velden van Dam. Dat is op zichzelf al een heugelijk feit, zeker nu zelfstandige boekhandels het niet heel makkelijk hebben. In veel steden verdwijnen boekhandels juist of kost het grote moeite om te overleven. Ik was er eerder al een keer binnengelopen, nieuwsgierig naar wat ze hadden.

Vandaag liep ik tijdens mijn lunchpauze zoals gebruikelijk het centrum van Heerlen in en liep ook Van der Velden van Dam binnen om navraag te doen naar een bepaald boek. Terwijl ik in de winkel was, werden de laatste lades in een oud bureau geschoven.

Ik bleef nog wat hangen en vroeg naar een schrijversportret van de dichter Marsman dat ik zag staan in de winkel. De eigenaresse wees mij vervolgens op het bureau en meldde dat dit een bureau van Pierre Kemp was. Wat een leuke verrassing!

Kemp zou twee bureaus hebben gehad. Het ene staat in de Universiteitsbibliotheek Maastricht, waarover wij al eerder berichten. Het ‘andere’ bureau, hierboven afgebeeld, staat dus in Heerlen en is bedoeld voor stadsdichters om aan te schrijven.

Bovenop het bureau, dat het kleine tafeltje dat eerst op die plek stond vervangt, staat ook een portret van Kemp, zoals op de foto is te zien. Natuurlijk heb ik meteen verteld dat ik dit als bestuurslid van de Pierre Kemp Stichting erg leuk vond.

Inmiddels heeft de boekhandel op haar Facebookpagina ook een vermelding met foto geplaatst.

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmailby feather

Aardvlo

De herdenking van de eerste bemande maanlanding, Apollo 11, vijftig jaar geleden is een goede aanleiding voor de publicatie van een nog onbekend gedicht van Pierre Kemp (1886-1967), de grote Maastrichtse dichter (P.C. Hooftprijs 1958).

Het titelloze gedicht, geschreven op 20 maart 1963 en genummerd 63.043 (dat wilde in Kemps eigen administratie zeggen: het vierendertigste gedicht uit het genoemde jaar), is een van de vele uit de ongepubliceerde nalatenschap van de dichter.

[zonder titel]

Vroeger ging ik langs een ladder van bloemennamen
vaker naar de maan
en rook vandaar aan de parfum van de aarde
en al de lieflijkheid van rozen en traan,
dat mij voor winterhemden spaarde.
Ik zag de maan van zeer nabij
en waagde woorden. Toen schimpte zij:
Aardvlo, blijf ver van mij vandaan!

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmailby feather

‘een niet zo kwaadaardige léautaud’

Lezend in de memoires van de schrijver Pierre H. Dubois (1917-1999) kwam ik een beschrijving tegen van het bezoek dat deze in mei 1956 bracht aan de destijds negenzestigjarige Pierre Kemp.

Dubois citeert uit een brief die hij daarover schreef aan Jan Greshoff:

‘Ik bracht […] enkele dagen door in Maastricht, waar ik kennismaakte met de [bijna] 70-jarige Pierre Kemp, een klein, vrij lelijk, maar guitig, slim, een beetje satanisch mannetje, met een hoog, stijf wit boord, een brilletje, een zwart lusteren jasje en een zwart deukhoedje, dat hij tijdens het gesprek naast zich op zijn glimmend bureau-ministre legde.

Hij leek een heel klein beetje op een niet zo kwaadaardige Léautaud, al hoonde hij het katholieke zuiden nogal, waar hij met zijn polygame natuur zich altijd wat beklemd had gevoeld. Hij genoot nog zichtbaar van (waarschijnlijk geheel imaginaire) herinneringen aan vrouwen, toch wel het interessantste wat het leven biedt, vond hij, naast muziek en kleuren. Daarom was hij zo bedroefd over het ouder worden, want dan kon je over die dingen alleen nog maar dénken, en de aardigheid was er dan toch voor een goed deel wel af. Ik zei dat ik me dat kon voorstellen, maar dat kon ik mij, volgens zijn zeer juiste opmerking, natuurlijk niet, want ik wás nu eenmaal nog niet oud. Zo praatte ik drie kwartier met hem en vond het allergenoeglijkst.’

Pierre H. Dubois, Memoranda [deel 3]. Een soort van geluk (1952-1980). Amsterdam, Nijgh & Van Ditmar, 1989.

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmailby feather